CO2-voetprint zet aluminiummarkt onder druk

CO2-voetprint zet aluminiummarkt onder druk

Sinds de definitieve inwerkingtreding van het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) op 1 januari 2026, kampt de Europese aluminiummarkt met aanzienlijke prijsschommelingen. Vooral handelaren in wals- en extrusieproducten zien hun inkoopkosten stijgen.

De CBAM houdt in dat bedrijven die jaarlijks meer dan 50 ton staal of aluminium uit landen buiten de Europese Unie importeren een extra CO2-heffing betalen. De maatregel is onder andere bedoeld om duurzame productie te stimuleren. Buiten de EU gelden vaak minder strenge klimaatregels. De CBAM dwingt importeurs tot ingrijpende keuzes in hun toeleveringsketen. Dit heeft directe gevolgen voor de handel in aluminium halffabricaten, zoals platen (wals) en profielen (extrusie).

Impact op de prijs
Analisten zien dat de totale inkoopkosten voor aluminium uit landen met een koolstofintensieve energiemix (zoals China, India of de VAE) met 15 tot 25 procent kunnen toenemen. Verder ontstaat er een prijsverschil tussen ‘vuil’ en ‘schoon’ aluminium. Aluminium uit landen die met behulp van waterkracht produceren (zoals IJsland en Noorwegen), blijft relatief stabiel in prijs, terwijl producten die met kolenstroom worden gemaakt aanzienlijk duurder worden.

Meer vraag naar gerecycled aluminium
Handelaren die grote volumes inkopen, kunnen de gestegen kosten vaak niet volledig absorberen. Hierdoor zullen hun prijzen stijgen. De verwachting is daarnaast dat er een massale verschuiving plaatsvindt naar Europese producenten of leveranciers met een lage CO2-voetafdruk. Dit zorgt voor een hogere vraag naar secundair (gerecycled) aluminium, waardoor ook de prijzen van aluminiumschroot in de EU stijgen.

| Gepubliceerd op: 27 oktober | Terug